Onderhandelen
Excellent onderhandelen
Onderhandelen zonder toe te geven
Roger Fisher & William Ury & Bruce Patton · Business Contact · 2011 · 256 pagina's
Bespreking door Erik van der Veen · Gepubliceerd
Partnerlink. Jij betaalt niets extra.
In het kort
Excellent onderhandelen is de Nederlandse vertaling van Getting to Yes, het foundational werk uit het Harvard Negotiation Project waar vrijwel elk modern onderhandelboek, inclusief Van doel naar deal, op leunt. Fisher, Ury en Patton beschrijven de principiële onderhandeling: hard op de inhoud, zacht op de persoon, gericht op belangen in plaats van standpunten, met objectieve criteria als scheidsrechter.
Ons oordeel in het kort
- Beoordeling
- 8.0/10
- Beste voor
- Wie na Van doel naar deal de oorspronkelijke bron in zijn zuiverste vorm wil lezen
- Sla over als
- Lezers die eerst een vlotte, praktische Nederlandse ingang zoeken, begin dan met Van doel naar deal
De kern
"De meeste onderhandelingen mislukken omdat partijen positioneel steggelen over standpunten in plaats van gezamenlijk te zoeken naar oplossingen die achterliggende belangen bedienen. Wie de vier Harvard-principes hanteert, komt niet alleen tot betere deals, maar behoudt ook de relatie voor volgende keer."
De belangrijkste lessen
- 1
Scheid de mens van het probleem
In elke onderhandeling zitten twee lagen: de zakelijke inhoud en de menselijke relatie. Vermeng je die twee, dan verwar je een moeilijk voorstel met een moeilijke persoon. Hard op de inhoud, zacht op de mens is de bekendste zin uit het boek, en nog steeds de kortste samenvatting van goed onderhandelen.
- 2
Focus op belangen, niet op standpunten
Een standpunt is wat iemand zegt te willen; een belang is waarom hij het wil. Achter tegengestelde standpunten zitten vaak verenigbare belangen, maar die zie je pas als je stopt met verdedigen en begint met vragen. De klassieke sinaasappel-metafoor uit het boek illustreert dit als geen ander voorbeeld.
- 3
Bedenk opties voor wederzijds voordeel
De meeste onderhandelaars zien maar één deal-vorm: de vaste taart die verdeeld moet worden. Fisher en Ury laten zien hoe je die taart eerst kunt vergroten door creatief te brainstormen over opties die geen van beide partijen aanvankelijk overwoog.
- 4
Sta op objectieve criteria
Wanneer een onderhandeling op wilskracht draait, wint de hardste of de langstzittende. Objectieve criteria, marktprijzen, precedenten, branchestandaarden, professionele normen, halen het gesprek uit ego en macht. De vraag zoek je: welke standaard vinden we allebei redelijk?
- 5
Ken je BATNA
Best Alternative To a Negotiated Agreement, wat doe je als deze deal niet doorgaat? Je BATNA is je werkelijke ondergrens, niet het getal dat je vooraf bedacht. Wie zijn BATNA versterkt vóór het gesprek, onderhandelt ontspannen. Wie geen alternatief heeft, straalt dat uit en wordt uitgeknepen.
- 6
Bereid je voor tegen vuile tactieken
Niet iedereen aan de andere kant van de tafel onderhandelt principieel. Fisher en Ury geven expliciet gereedschap om positioneel gedrag, leugens, extreme openingsposities en emotionele manipulatie te herkennen en te neutraliseren zonder terug te vallen in hetzelfde spel.
- 7
Verplaats je aandacht van eisen naar leren
Wie een onderhandeling ingaat als een pleidooi voor zijn eigen standpunt, mist de helft van wat er te weten valt. De echte doorbraken komen bijna altijd nadat je iets nieuws hebt gehoord van de tegenpartij dat je vooraf niet wist.
Waar gaat dit boek over?
Excellent onderhandelen is de Nederlandse editie van Getting to Yes, het boek waar Roger Fisher en William Ury in 1981 het startschot mee gaven voor een compleet ander soort onderhandelliteratuur. Vóór dit boek was de gangbare wijsheid grofweg: begin hoog, houd vol, geef stukje bij beetje toe. Onderhandelen was een spel van uithouden. Wie het langst zat, wie het minst te verliezen had, of wie het beste kon bluffen, won.
Fisher en Ury deden iets anders. Ze werkten bij het Harvard Negotiation Project en observeerden systematisch waarom sommige onderhandelingen wél tot goede uitkomsten leidden en andere niet. Hun conclusie was verrassend: de beste onderhandelaars steggelden helemaal niet over standpunten. Ze zochten samen met de andere partij naar wat werkelijk op tafel lag, en ontwikkelden dan oplossingen die beide belangen bedienden.
Die aanpak, principieel onderhandelen, brachten ze terug tot vier hanteerbare principes. Bruce Patton, mede-oprichter van het Harvard Negotiation Project, kwam vanaf de tweede editie mee als co-auteur. Het boek verkocht miljoenen exemplaren, kreeg vertalingen in tientallen talen, en werd het meest geciteerde onderhandelwerk ooit geschreven.
Wie Van doel naar deal van Masselink en Van Rossum gelezen heeft, herkent onmiddellijk waar hun boek op leunt. De vier Harvard-principes, het BATNA-concept, het scheiden van mens en probleem, alles komt hier vandaan. Excellent onderhandelen is de originele bron. Compacter, droger, maar ook dieper en autoritairder dan de meeste latere afgeleiden.
Over de auteurs
Roger Fisher (1922, 2012) was hoogleraar aan Harvard Law School en oprichter van het Harvard Negotiation Project. Hij adviseerde in zijn carrière onder meer bij de Camp David-akkoorden tussen Egypte en Israël, bij de gijzelingscrisis in Iran, en bij tal van bedrijfsonderhandelingen. Zijn achtergrond in het internationaal recht verklaart waarom het boek strategisch en principieel is opgebouwd, hij dacht in termen van precedent, alliantie en langetermijnrelaties.
William Ury is co-oprichter van het Harvard Negotiation Project en mede-oprichter van het Program on Negotiation. Hij is antropoloog van opleiding en mediator van beroep, met veertig jaar veldervaring in conflicten variërend van huwelijksbemiddeling tot vredesbesprekingen in Colombia, Venezuela en het Midden-Oosten. Zijn latere boeken (Getting Past No, The Power of a Positive No, Getting to Yes with Yourself, en het recente Mogelijk) breiden de Harvard-lijn systematisch uit met scenario's die het originele werk niet dekt.
Bruce Patton was verantwoordelijk voor de derde editie (2011) waarin de auteurs een aantal principes verscherpten en actualiseerden. Patton leidt vandaag Vantage Partners, een consultancy die zich specialiseert in complexe zakelijke onderhandelingen tussen bedrijven met langlopende relaties.
De combinatie, hoogleraar internationaal recht, antropoloog-mediator en zakelijk consultant, verklaart de brede toepasbaarheid van het boek. De principes werken even goed in een salarisgesprek als in een vredesbesprekingskamer, en dat is geen retorische claim, dat is expliciet zo ontworpen.
De vier Harvard-principes uitgewerkt
Principe 1, Scheid de mens van het probleem
In elke onderhandeling zitten twee lagen: de zakelijke inhoud (wat er verdeeld of afgesproken moet worden) en de menselijke relatie (hoe partijen met elkaar omgaan tijdens en na het gesprek). Wie die twee vermengt, verwart een moeilijk voorstel met een moeilijke persoon. Het gevolg: je gaat de ander bestrijden in plaats van het probleem.
De oplossing is een bewuste splitsing. Op de inhoud kun je zo hard zijn als het probleem vereist. Op de persoon houd je respect, empathie en professionele nieuwsgierigheid intact. De klassieke formulering, "hard op de inhoud, zacht op de mens", is nog steeds de kortste samenvatting van goed onderhandelen.
Praktisch betekent dit onder meer:
- Onderzoek actief hoe de andere partij de situatie beleeft, ook als je het er niet mee eens bent
- Erken de emotie voordat je hem probeert weg te redeneren
- Praat over jezelf, niet over de ander ("ik voel me overvallen door dit voorstel" werkt beter dan "je bent onredelijk")
- Zit letterlijk naast elkaar aan tafel in plaats van tegenover elkaar, wanneer de setting dat toelaat
Principe 2, Focus op belangen, niet op standpunten
Dit is misschien wel de meest geciteerde les uit het boek. Een standpunt is wat iemand zegt te willen ("ik wil vijf procent salarisverhoging"). Een belang is waarom hij het wil (erkenning, zekerheid, ruimte om iets nieuws te leren, angst achter te blijven bij collega's).
Twee partijen met onverzoenbare standpunten hebben vaak verenigbare belangen, maar dat zie je alleen als je doorvraagt. De klassieke sinaasappel-metafoor uit het boek illustreert dit als geen ander voorbeeld: twee kinderen ruziën om één sinaasappel. Standpunt van beide is "ik wil hem". De ouder snijdt hem netjes doormidden. Latere bevinding: de een wilde de schil voor een cake, de ander wilde het sap. Een onderhandeling over schil versus sap had beide voor honderd procent bediend.
Dezelfde dynamiek zie je in zakelijke gesprekken. Een klant die vraagt om korting wil misschien eigenlijk zekerheid over kwaliteit. Een medewerker die meer vakantie eist, zoekt wellicht autonomie. Een investeerder die meer aandelen wil, beschermt zich tegen dilution bij een volgende ronde. De vraag die je zoekt: waarom is dit voor jou belangrijk? En daarna nog eens, en nog eens.
Principe 3, Bedenk opties voor wederzijds voordeel
De meeste onderhandelaars zien maar één deal-vorm: de vaste taart die verdeeld moet worden. Fisher en Ury noemen dit "assumption of a fixed pie", de aanname dat elke winst voor de een een verlies voor de ander is. Die aanname klopt zelden. In vrijwel elke complexere onderhandeling zijn er variabelen die door partijen verschillend gewaardeerd worden, en dat maakt uitruil mogelijk waar beide winnen.
Concreet betekent dit: voordat je in de dealfase komt, doe je expliciet een brainstormfase. Geen kritiek, geen weging, alleen opties genereren. Wat als we de looptijd verlengen? Wat als jij X regelt en ik Y? Wat als we een evaluatiemoment inbouwen? Wat als we exclusiviteit ruilen tegen prijskorting?
Vier gouden regels voor deze fase:
- Scheid het genereren van opties van het beoordelen ervan
- Kijk breder dan alleen de deal-op-tafel
- Zoek gemeenschappelijk voordeel, niet compromis
- Maak de andere partij's beslissing makkelijk
Principe 4, Sta op objectieve criteria
Wanneer een onderhandeling op wilskracht draait, wint niet de beste oplossing, maar de hardste onderhandelaar. Dat is geen onderhandelen, dat is uithouden. Objectieve criteria, toetsbare standaarden die geen van beide partijen zelf heeft verzonnen, halen het gesprek uit dat strijdtoneel.
Voorbeelden van objectieve criteria:
- Salarisgesprek: salarisbenchmarks voor jouw functie, regio en ervaring
- Prijs van een dienst: marktprijzen van vergelijkbare aanbieders, inflatie-index
- Aansprakelijkheid in een contract: branchestandaarden, wat andere klanten van dezelfde leverancier tekenen
- Verdeling in een conflict: hoe vergelijkbare kwesties elders zijn opgelost, wat een mediator zou voorstellen
- Zakelijke waardering: multiples in jouw sector, benchmarkrapporten van analisten
De zin die je zoekt: "Zijn er criteria waar we het beiden over eens kunnen zijn?" Dat is niet zwak, dat is sterk. Het verplaatst het gesprek van "ik wil X" naar "wat is redelijk". De partij die dat frame aanbrengt, heeft daarna disproportionele invloed op de uitkomst.
Het BATNA-concept
Naast de vier principes introduceerden Fisher en Ury het begrip dat inmiddels universeel is in onderhandelend Nederland: BATNA, Best Alternative To a Negotiated Agreement. Wat doe je als deze deal niet doorgaat?
Je BATNA bepaalt je werkelijke ondergrens, niet het getal dat je vooraf opschreef. En, minstens zo belangrijk, je BATNA bepaalt je mentale positie in het gesprek. Wie een sterke BATNA heeft (drie andere serieuze gesprekken, geldreserves, een klant die staat te trappelen) is ontspannen en kan rustig wachten. Wie geen alternatief heeft, straalt dat uit en wordt uitgeknepen.
Drie regels rond je BATNA:
- Ken hem. Zet hem expliciet op papier voordat je aan tafel gaat.
- Versterk hem. Uitstel van de onderhandeling is vaak waardevoller dan een slechte deal, omdat je in die tussentijd je alternatief kunt verbeteren.
- Toets die van de ander. Hoe sterk is zijn BATNA? Weet hij het zelf? Vaak is de tegenpartij afhankelijker dan hij laat merken.
Het is geen toeval dat BATNA het enige acroniem uit onderhandelliteratuur is dat je in vrijwel elke Nederlandse boardroom kunt gebruiken zonder toelichting. Dit boek heeft het uitgevonden.
Wat te doen als de ander weigert principieel te onderhandelen?
Een van de sterkste hoofdstukken uit het boek gaat over de tegenpartij die niet meewerkt. Sommige onderhandelaars gebruiken bewust vuile tactieken (leugens, extreme openingsposities, tijdsdruk creëren, persoonlijke aanvallen). Anderen gedragen zich positioneel omdat ze niet anders geleerd hebben. In beide gevallen wil jij niet meegetrokken worden in hetzelfde spel.
Fisher, Ury en Patton geven expliciet gereedschap voor deze scenario's, wat ze "negotiation jujitsu" noemen. In plaats van tegen kracht in te duwen, buig je de energie om. Praktisch:
- Reageer niet op een aanval, herformuleer hem als aanval op het probleem. ("Je snapt gewoon niets van onze branche" wordt niet beantwoord met verdediging, maar met "wat aan onze branche is voor jou het belangrijkst om te begrijpen?").
- Benoem tactieken expliciet. Als de ander tijdsdruk creëert, zeg dan: "Ik merk dat we onder tijdsdruk gezet worden, klopt dat, en wat betekent dat voor jou?".
- Wees hard op de inhoud, ontspannen op de persoon. Zwak toegeven is een fout. Terugvechten ook. Vasthoudend maar respectvol staan is de kunst.
- Val terug op je BATNA. Als de andere partij structureel weigert principieel te onderhandelen, is je alternatief vaak beter dan de deal die je onder druk zou krijgen.
Voor wie regelmatig te maken heeft met machtsspelletjes of onbetrouwbare tegenpartijen, is dit deel alleen al de prijs van het boek waard.
Drie scenario's: hoe dit boek in de praktijk werkt
Scenario 1: de vastgelopen leveranciersonderhandeling
Je onderhandelt met een softwareleverancier over een driejarig contract. Zij willen elf procent prijsstijging per jaar en vaste tarieven. Jij wilt vier procent en flexibiliteit om af te schalen. Twee maanden overleg, geen beweging. Beide partijen positioneel vastgelopen.
De Harvard-aanpak. Terug naar belangen. Waarom willen zij elf procent en vast? Waarschijnlijk voorspelbaarheid voor hun eigen kapitaalbudget, niet noodzakelijk de exacte hoogte. Waarom wil jij flexibiliteit? Onzekerheid over gebruikersaantallen in jaar drie. Zodra die belangen op tafel liggen, verschijnen opties: een lager basispercentage met een compensatie in vorm van pre-commitment op minimum-afname, of een gefaseerd contract met heronderhandelingsmoment op moment X. De taart is niet vast, hij was alleen zo geframed.
Scenario 2: het salarisgesprek dat vastzit op één procent
Je werkgever heeft een salarisbudget dat rigide is: één procent per medewerker, geen ruimte voor uitzonderingen. Jij wilt substantieel meer. Positioneel is dit klemgezet.
De Harvard-aanpak. Belangen scheiden. Jouw belang is niet primair het percentage, het is erkenning voor een goed jaar en zekerheid dat je niet achterblijft bij de markt. Zijn belang is niet primair jou zuinig houden, het is budgetdiscipline binnen zijn afdeling.
Opties buiten het salarisbudget: extra opleidingsbudget, een tussentijdse evaluatie over zes maanden, een nieuwe titel met meer verantwoordelijkheid, een prestatiebonus die uit een ander budget komt, een vierdaagse werkweek voor hetzelfde salaris. Objectieve criteria: salarisbenchmarks voor jouw functie in jouw regio. Ineens is er beweging, terwijl het positionele gesprek muurvast zat.
Scenario 3: het conflict tussen medeaandeelhouders
Twee compagnons in een bedrijf van tien jaar oud staan tegenover elkaar. De ene wil meer investeren en groeien, de ander wil dividend uitkeren en risico beperken. Standpunten lijken onverzoenbaar.
De Harvard-aanpak. De belangen zijn niet zo tegengesteld als de standpunten. De groeier wil impact en professioneel plezier, de conservatieve compagnon zoekt financiële zekerheid voor zijn gezin. Objectieve criteria (branchestandaarden, adviseursrapporten, doorsnee dividendbeleid in soortgelijke bedrijven) kunnen het gesprek uit het persoonlijke trekken.
Opties: een deel van de winst uitkeren en een deel investeren, met een expliciete groeiafspraak; de conservatieve compagnon uitkopen tegen een marktconforme prijs; externe kapitaal aantrekken zodat groei én dividend samengaan. Zonder de Harvard-lens zou dit gesprek in een breuk kunnen eindigen, met de lens ligt er ineens een gedeelde probleemruimte.
Wat Excellent onderhandelen niet doet
Eerlijk zijn: dit boek is compact en principieel, en dat betekent dat een aantal thema's die in moderne literatuur wél zwaar wegen hier maar beperkt aan bod komen.
- Psychologische zelfregie tijdens het gesprek. De emotionele huishouding van de onderhandelaar zelf, adem, stress-signalen, valkuilen als haast of trots, wordt kort benoemd maar niet uitgewerkt. Daarvoor moet je bij Chris Voss (Splits het verschil nooit), Roos Vonk (De onderhandelaar in jou) of het praktijkgedeelte van Van doel naar deal zijn.
- Cross-culturele onderhandeling. Het boek is impliciet Amerikaans-Westers in zijn assumpties. Wie onderhandelt in een Aziatische of Latijns-Amerikaanse context, kan aanvullend beter Erin Meyers The Culture Map raadplegen.
- Meerpartijenonderhandelingen. De casussen gaan bijna altijd over twee partijen. Voor coalitievorming, subgroep-dynamiek en achterbanmanagement zijn latere Harvard-werken (Malhotra's Negotiation Genius) sterker.
- Machtsasymmetrie. Als je onderhandelt met een monopolist, een grote werkgever die je nodig hebt of een instantie die het laatste woord heeft, geeft het boek principes maar minder concrete tactieken. Ury's latere werk (Getting Past No, Mogelijk) vult dat aan.
Dit zijn geen redenen om het boek over te slaan, maar om te weten wat je erbij moet lezen als je een specifieke context hebt.
Vergelijking met andere onderhandelboeken
Excellent onderhandelen is het fundament. De vraag is niet zozeer of je het moet lezen, maar in welke volgorde je het naast andere werken plaatst.
Van doel naar deal, Tim Masselink & Maarten van Rossum
De Nederlandse praktijkgids die op de Harvard-methode leunt. Vlotter geschreven, dichter bij Nederlandse casuïstiek, met sterke aanvullingen op zelfregie ("Dutch diseases", regie over eigen emotie) en een compact voorbereidingswerkblad. Voor de meeste Nederlandse managers een betere ingang dan Excellent onderhandelen; dit boek daarna als je dieper wilt.
Splits het verschil nooit, Chris Voss
Een compleet ander register. Voss is voormalig FBI-gijzelingsonderhandelaar en pleit voor tactisch invoelend onderhandelen, met technieken als tactical empathy, spiegelen en calibrated questions. Waar Fisher en Ury het strategische frame geven, geeft Voss de microtactiek voor het gesprek zelf. De twee boeken zijn geen concurrenten, ze zijn complementair.
Bargaining for Advantage, G. Richard Shell
Shell is hoogleraar aan Wharton. Zijn boek erkent dat onderhandelaars verschillende natuurlijke stijlen hebben en helpt je werken vanuit de jouwe. Inhoudelijk breder dan Excellent onderhandelen, met meer aandacht voor persoonlijkheid en cultureel verschil. Goed vervolg na Fisher & Ury.
Mogelijk, William Ury
Ury's synthese van veertig jaar mediation-ervaring. Waar Excellent onderhandelen het strategische fundament biedt, laat Mogelijk zien hoe je vastgelopen conflicten doorbreekt via het balkon, de gouden brug en de derde zijde. De logische volgende stap voor wie de Harvard-lijn wil blijven volgen.
Onderhandel voor jezélf, Christ'l Dullaert
Compacter en toegankelijker, sterk gericht op professionals (vaak vrouwen) die aarzelen om voor zichzelf op te komen in salaris-, tarief- en scope-gesprekken. Complementair aan Fisher & Ury, waar het onderscheid tussen standpunten en belangen wat abstract kan blijven, maakt Dullaert het persoonlijk en concreet.
Welk boek wanneer?
| Wat zoek je? | Pak dit boek |
|---|---|
| Vlotte Nederlandse start, moderne casuïstiek | Van doel naar deal |
| Het theoretische fundament, autoritair en compleet | Excellent onderhandelen |
| Microtactiek voor het gesprek zelf | Splits het verschil nooit |
| Eigen onderhandelstijl ontwikkelen | Bargaining for Advantage |
| Vastgelopen conflicten doorbreken | Mogelijk |
| Voor jezelf opkomen zonder je te verharden | Onderhandel voor jezélf |
Pas dit boek toe met AI: twee prompts voor jouw onderhandeling
Prompt 1, Belangenanalyse volgens de Harvard-methode
Je bent een onderhandelcoach die opgeleid is in de Harvard-methode
zoals beschreven in Getting to Yes (Fisher, Ury, Patton).
Ik ga onderhandelen met [beschrijf tegenpartij en context].
Ons huidige gespreksstandpunt is: [beschrijf beide posities].
Werk voor mij uit:
1. Welke onderliggende belangen kunnen achter mijn standpunt schuilgaan
(drie hypotheses)
2. Welke onderliggende belangen kunnen achter zijn standpunt schuilgaan
(drie hypotheses)
3. Op welke assen zijn onze belangen mogelijk verenigbaar
4. Vijf opties voor wederzijds voordeel die geen van beide standpunten
letterlijk overnemen
5. Drie objectieve criteria die het gesprek uit het persoonlijke halen
Geef mij daarna vijf vragen die ik in het gesprek kan stellen om
deze hypotheses te toetsen.
Prompt 2, BATNA-versterking
Ik ga binnenkort onderhandelen over [omschrijf de situatie]. Mijn
huidige BATNA (wat ik doe als er geen deal komt) is:
[beschrijf je alternatief].
Analyseer volgens de Harvard-methode:
1. Hoe sterk is mijn BATNA op dit moment, schaal 1 tot 10, met
toelichting
2. Wat zou de andere partij vermoedelijk denken dat mijn BATNA is,
en waar zit een gap
3. Vijf concrete stappen die ik voor het gesprek nog kan zetten om
mijn BATNA te versterken
4. Drie signalen in het gesprek waaraan ik kan aflezen dat de andere
partij mijn BATNA onderschat
5. Twee formuleringen waarmee ik mijn BATNA naar voren kan brengen
zonder te dreigen
Sterke punten
De grootste kracht is niet één principe, maar de architectuur van het geheel. Fisher, Ury en Patton hebben systematisch nagedacht over wat een onderhandeling doet slagen of stranden, en die analyse geordend in een handelingskader dat na veertig jaar nog steeds intact staat. Elke pagina heeft een doel; elk voorbeeld illustreert een principe; elk deel bouwt logisch op het vorige. Dat is zeldzaam in de managementliteratuur, waar veel boeken één inzicht in vijftien hoofdstukken uitrekken.
Daarnaast is het BATNA-hoofdstuk alleen al canoniek. Het concept is inmiddels zo diep in het zakelijk denken verankerd dat je bijna vergeet dat het uit één specifieke bron komt.
Zwakke punten
De prijs van compactheid is dat een aantal thema's oppervlakkig blijven. Emotieregulatie, cross-culturele verschillen, meerpartijenonderhandeling en machtsasymmetrie krijgen weinig ruimte. Wie op een van die gebieden diepte zoekt, moet aanvullend lezen.
De toon is droger en academischer dan Nederlandse lezers gewend zijn van hun managementboeken. Er zijn geen persoonlijke anekdotes, geen vlotte voorbeelden, geen verhalende hoofdstukopeningen. Dat maakt het boek autoriteit, maar ook zwaarder om door te komen.
Ten slotte: de voorbeelden zijn deels gedateerd. Veel casussen komen uit Amerikaans zakelijk leven van de jaren tachtig en negentig. De principes zijn tijdloos, de illustraties niet altijd. Als lezer moet je zelf de vertaalslag naar 2026 maken.
Mijn oordeel
Excellent onderhandelen is geen boek dat je een keer leest en wegzet. Het is een referentiewerk waar je terugkomt voor elke belangrijke onderhandeling in je carrière. De vier principes en het BATNA-concept vormen de mentale kaart die veertig jaar onderhandelliteratuur heeft geproduceerd, en het meeste wat daarna is verschenen is verdere uitwerking, aanvulling of Dutch-praktijk vertaling.
De vraag is niet zozeer of je dit boek moet lezen, maar wanneer. Voor een Nederlandse professional die net begint met onderhandelen is Van doel naar deal de vriendelijkere ingang. Voor wie de basis onder de knie heeft en wil begrijpen waar de principes vandaan komen en waarom ze werken, is Excellent onderhandelen onmisbaar. Voor trainers, coaches en docenten is het simpelweg het referentiewerk waar je niet omheen kunt.
Zwakke plekken zijn er, maar ze zijn eerlijk te benoemen: droge toon, gedateerde voorbeelden, en beperkte diepte op zelfregie, cross-cultureel werken en meerpartijenscenario's. Dat maakt het boek geen totaaloplossing, wel het fundament waar elke serieuze onderhandelbibliotheek op rust.
Koop dit boek als…
- Je Van doel naar deal hebt gelezen en de oorspronkelijke bron wilt begrijpen
- Je professioneel onderhandelt en het theoretische kader onder je intuïtie wilt versterken
- Je een trainer, coach of docent bent die de canonieke tekst nodig heeft
- Je vaak te maken hebt met onwillige of vuile tegenpartijen en gereedschap zoekt om daar principieel mee om te gaan
- Je een blijvend referentiewerk wilt in plaats van een boek dat je één keer leest
Sla dit boek over als…
- Je liever een vlotte, moderne Nederlandse gids hebt, kies dan Van doel naar deal
- Je vooral microtactiek voor het gesprek zelf zoekt, kies dan Splits het verschil nooit
- Je hoofdzakelijk in cross-culturele of meerpartijencontexten werkt, kies dan aanvullend Erin Meyer of Deepak Malhotra
- Je moeite hebt met droge academische toon en Amerikaanse zakelijke voorbeelden uit de jaren tachtig
Eindscore
| Criterium | Score |
|---|---|
| Praktische toepasbaarheid | 8/10 |
| Leesbaarheid | 7/10 |
| Originaliteit | 10/10 |
| Geschikt voor beginners | 7/10 |
| Algeheel oordeel | 8,5/10 |
Een canoniek werk dat na veertig jaar nog steeds functioneert als hét fundament onder principieel onderhandelen. Niet altijd de meest toegankelijke start, wel de meest complete kaart. Wie serieus onderhandelt in zijn carrière kan zich Excellent onderhandelen niet permitteren over te slaan; wie het al heeft gelezen, doet er goed aan het elke paar jaar te herlezen.
Transparantie: Deze bespreking is geschreven op basis van de canonieke tekst Getting to Yes (Fisher, Ury, 1981, met Patton als co-auteur vanaf de tweede editie, meest recente uitgebreide editie 2011), de Nederlandse editie Excellent onderhandelen (Business Contact, meerdere drukken) en publieke informatie over het Harvard Negotiation Project en de auteurs. Uitwerkingen naar concrete Nederlandse scenario's, de AI-prompts en de vergelijkende tabel zijn onze eigen vertaling van de principes naar de praktijk.
Wel geschikt voor
- : Wie na Van doel naar deal de oorspronkelijke bron in zijn zuiverste vorm wil lezen
- : Managers, ondernemers en professionals die het theoretische fundament onder principieel onderhandelen willen begrijpen
- : Docenten en trainers die de canonieke tekst nodig hebben voor hun curriculum
- : Juristen, mediators, HR-professionals en bestuurders in complexe stakeholderdossiers
- : Iedereen die vermoedt dat hij intuïtief goed onderhandelt, maar het theoretische kader mist om zijn aanpak scherp te maken
Minder geschikt voor
- : Lezers die eerst een vlotte, praktische Nederlandse ingang zoeken, begin dan met Van doel naar deal
- : Wie primair tactieken en microscripts voor het gesprek zelf zoekt, kies dan Splits het verschil nooit
- : Mensen die allergisch zijn voor droge academische toon en Amerikaanse zakelijke voorbeelden uit de jaren tachtig
- : Wie op zoek is naar cross-culturele of teamonderhandelingsdiepte, daar zijn latere Harvard-werken sterker in
Sterke punten
- + De canonieke tekst: elk goed onderhandelboek van de afgelopen veertig jaar bouwt hier expliciet of impliciet op voort
- + Introduceert het BATNA-concept, dat inmiddels universeel is in de onderhandelliteratuur
- + Bondig en principegedreven, geen ballast, elke pagina heeft een duidelijk doel
- + Werkt uitgebreid uit hoe je omgaat met een onwillige of oneerlijke tegenpartij
Zwakke punten
- − Voorbeelden zijn deels gedateerd, veel scenes uit Amerikaans zakelijk leven van de jaren tachtig en negentig
- − Weinig aandacht voor de psychologische zelfregie waar modernere boeken (Voss, Masselink/Van Rossum) juist op inzoomen
- − Toon is droger en academischer dan Nederlandse lezers gewend zijn van hun managementliteratuur
- − Cross-culturele en meerpartijendynamiek komt beperkt aan bod
Vergelijkbare boeken
Veelgestelde vragen
- Heb ik dit boek nog nodig als ik Van doel naar deal heb gelezen?
- Alleen als je de oorspronkelijke argumentatie wilt zien, of als je een academischer, breder onderbouwd fundament wilt. Van doel naar deal dekt de essentie van de Harvard-methode af voor de meeste praktische situaties. Excellent onderhandelen is dieper, breder en autoritairder, maar ook droger.
- Wat is er precies zo revolutionair aan dit boek?
- Toen Getting to Yes in 1981 verscheen, werd onderhandelen in het bedrijfsleven bijna uitsluitend positioneel gedaan: je begon hoog, de ander begon laag, en je bewoog naar elkaar toe. Fisher en Ury introduceerden het idee dat je een onderhandeling systematisch kunt aanpakken door te scheiden tussen mens en probleem, en door te zoeken naar belangen achter standpunten. Dat idee is nu vanzelfsprekend, maar toen was het een breuk met de gangbare praktijk.
- Zijn de voorbeelden nog steeds relevant?
- De principes zijn tijdloos, de voorbeelden deels gedateerd. Veel casussen komen uit Amerikaanse zakelijke onderhandelingen, arbeidsconflicten en internationale diplomatie van de jaren tachtig en negentig. Je moet als lezer soms de vertaalslag naar je eigen 2026-realiteit maken. Wie moeite heeft met die transponeeropdracht, is beter af met een modernere Nederlandse gids.
- Werkt de methode ook tegen onwillige onderhandelaars?
- Ja, en dat is een sterke kant van het boek. Het laatste deel behandelt expliciet wat je doet als de andere partij vuile tactieken gebruikt, weigert principieel te onderhandelen, of veel machtiger is dan jij. Voor wie ook dat scenario wil begrijpen, is dit boek waardevoller dan veel vlottere alternatieven.
- Hoeveel tijd kost het om dit boek te lezen?
- Ongeveer een lang weekend, 256 pagina's, maar niet vlot leesbaar zoals veel Nederlandse managementboeken. Reken op langzaam lezen met notities. De echte waarde ontstaat pas als je na elke belangrijke onderhandeling in je carrière even terugbladert naar het relevante hoofdstuk.
- Wat is het verschil met de latere boeken van Ury?
- Getting to Yes is het strategische fundament: hoe je principieel onderhandelt. Getting Past No (Onderhandelen met lastige mensen) richt zich op de tegenpartij die je niet wil meebewegen. Getting to Yes with Yourself gaat over zelfregie voor de onderhandelaar. Mogelijk (2024) synthetiseert veertig jaar mediation-ervaring in vastgelopen conflicten. Elk boek bouwt op het volgende, maar Excellent onderhandelen blijft de logische startpunt.
- Is dit een boek voor gevorderden of voor beginners?
- Beide, maar met een kanttekening. Voor beginners is de conceptuele diepgang eye-opening; wel vraagt de droge stijl doorzettingsvermogen. Voor gevorderden werkt het als het referentiewerk waar alle tussenliggende literatuur uit is ontsproten, herlezen doet dan meer dan bij welke praktijkgids ook.
- Waarom heet het Nederlandse boek Excellent onderhandelen en niet Onderhandelen zonder toe te geven?
- De Nederlandse uitgever koos in de jaren tachtig voor een marketing-vriendelijkere titel. De oorspronkelijke ondertitel Onderhandelen zonder toe te geven staat wel op de omslag en beschrijft het boek nauwkeuriger, principieel onderhandelen betekent expliciet dat je niet toegeeft op wat er voor jou toe doet.
Lees ook
Mogelijk
William Ury
William Ury, mede-grondlegger van het Harvard Negotiation Project en co-auteur van Getting to Yes, vat in Mogelijk vier decennia mediation- en onderhandelervaring samen in één centrale vraag: hoe maak je een uitweg mogelijk in conflicten die op het oog onverzoenbaar lijken? Het antwoord ligt in een drievoudig pad, naar het balkon, naar de gouden brug, en naar de derde zijde, dat hij illustreert met cases uit Colombia, Venezuela, het Witte Huis en een Hollandse keukentafel.
Van dezelfde auteur
Bargaining for Advantage
G. Richard Shell
G. Richard Shell, oprichter van het Wharton Executive Negotiation Workshop, laat zien dat onderhandelen niet één juiste methode kent, maar begint bij het kennen van je eigen natuurlijke stijl. Waar Van doel naar deal je een Nederlandse Harvard-basis geeft, gaat Bargaining for Advantage een laag dieper: eerst een gevalideerde stijlassessment, dan zes fundamenten en vier fases, met veel aandacht voor ethiek en voor het feit dat wat werkt voor de één, voor de ander averechts uitpakt.
Ook over onderhandelen en communicatie
Splits het verschil nooit
Chris Voss & Tahl Raz
Chris Voss, voormalig hoofdonderhandelaar gijzelingen bij de FBI, ruilde 24 jaar levensgevaarlijke onderhandelingen in voor een vlot geschreven gids over wat er werkelijk werkt aan tafel. Zijn stelling: het beleefde Harvard-model van win-win onderhandelen breekt zodra emoties hoog oplopen, en wie wint, gebruikt tactische empathie, spiegelen, labelen en gerichte vragen om de verborgen logica van de tegenpartij bloot te leggen voordat hij over de deal praat.
Ook over onderhandelen en communicatie

Onderhandel voor jezélf
Christ'l Dullaert
Onderhandel voor jezélf laat zien hoe alledaagse keuzes over zichtbaarheid, invloed en taakverdeling bepalen hoeveel onderhandelruimte je uiteindelijk hebt. Christ'l Dullaert vertaalt de Harvard-onderhandelmethode naar situaties waar veel vrouwen, en niet alleen vrouwen, hun onderhandeling verliezen voordat het gesprek is begonnen: bij de gastvrouwrol op vergaderingen, het opnieuw aannemen van een klus 'omdat niemand anders het doet', of het salarisgesprek dat je een halfjaar te lang uitstelt.
Ook over onderhandelen en communicatie